Axel, een onverbeterlijke grapjas.
(met ons op reis naar Morsbach en Wintzen, 11/11/2011 - 16/11/2011)

Axel voelt zich hier dadelijk thuis!Dat Axel als puppy en later als jonge Hovawart wel altijd iets voor ons in petto had waardoor je ofwel wanhopig werd ofwel in een deuk lag, hoeven we jullie al lang niet meer te verklaren. De snedigheid van weleer is dan wel verdwenen, het gebeurt nu allemaal veel meer bemeten.
Op 11 november mocht Axel plaats nemen op de achterbank, met gordel natuurlijk. Dit was zeker niet naar de zin van Dunja en Elmo die ons met lede ogen nakeken toen we het huis verlieten. Het kon Axel een zorg wezen en algauw zocht hij zich een comfortabele houding uit om rustig weg te dommelen. Onze eerste bestemming was het Abeo Hotel Goldener Acker in Morsbach (niet zo ver uit de buurt van Siegen). De oud-collega's van Marleen hadden ons een overnachting met ontbijt en met hond aangeboden en dit was dus de gelegenheid om hiervan gebruik te maken. Morsbach ligt een slordige 300 kilometer van ons vandaan en dus was tijdig stoppen wel noodzakelijk. Net voorbij Luik hielden we dus even halt om even de benen en de poten te strekken. De tien minuten die hieraan vooraf gingen, had ik enkel zicht naar achter via de zijspiegels. De achteruitkijkspiegel werd gedurende al die tijd opgevuld door de grote, blije kop van Axel. Of hoe hij mij wist te vertellen dat hij eens moest...Overal nog resten van WOII.
Na de stop dus verder naar Kln. Het mocht in Belgi dan wel een feestdag zijn, voor Nederlanders en Duitsers was het een gewone werkdag met alle drukte van dien. Gelukkig was de timing goed gekozen en reden we ons niet vast in n van de eindeloze files rond Kln. Eens voorbij de Rijn, veranderde het landschap in een prachtig bergachtig gebied. Met nu veel minder verkeer, mocht het gaspedaal wat dieper. Een poosje later zoefden we gewoon aan de afrit van Morsbach voorbij om eerst even langs Freudenberg te rijden. Dit is een leuk stadje met een historische kern en leek de moeite om eens te bezoeken. Wij monsterden er de mooie vakwerkhuizen en de plaatselijke bevolking vergaapte zich aan onze grote beer. Die vond die aandacht natuurlijk weer super. Zum alten Flecken, een hotel restaurant, was de halteplaats voor de middag en wie kreeg weeral de eerste bediening? Jawel! Axel! Na het eten nog even een ommetje en dan rustig aan richting Morsbach. Wij dachten dat Morsbach eerder een kleine gemeente was maar dit bleek eerder een uit de kluiten gewassen provinciestad te zijn. Gelukkig was er overal groen te bespeuren en het hotel zelf lag rustig gelegen. Na het vervullen van de formaliteiten aan de balie, kregen we onze sleutel en onze kamer toegewezen. Op de tweede verdieping en jongens er was geen lift! Met de sleutel hadden we toegang tot het hotel via de nachtingang. Een smalle doch niet al te moeilijke trap leidde ons naar onze kamer. Axel bekeek zuchtend de trap, vond het maar niks en wilde niet meer verder. Axel snuift de frisse lucht op...Terwijl we hem probeerden te overtuigen, kreeg onze deugniet de deur in de gaten die net naast de trap op de keuken uitgaf. In plaats van de trap op te stappen, probeerde Axel zich toegang tot die plaats te verschaffen. Het rook er dan ook heerlijk... Na wat overtuigingskracht, drentelde hij dan toch mee naar boven. Baasje mocht een aantal keer op en neer tot alle nodige bagage afgeleverd was. Tijd om de boel wat te gaan verkennen. Even de auto genomen tot in het centrum en dan verder te voet. Weer die verbaasde blikken. Kenden ze dan geen Hovawartjes in Duitsland of was het de trotse verschijning van ons Boeleke dat hiervoor zorgde? In een winkel waar ze ook pijptabak verkochten, ging ik even mijn voorraad aanvullen. De oude man achter de toonbank was zichtbaar ontroerd dat er blijkbaar toch nog mensen waren die pijp rookten. Terwijl ik afrekende verscheen ook zijn echtgenote in de zaak. Of we hem niet wilden vergeten? deed ze haar intrede. Haar man en ik keken elkaar verbaasd aan. Wie? Wel die daar aan de ingang ging ze verder. Onze blikken wendden zich nu naar de deur. De gehele ingang was versperd door een blonde, nieuwsgierige verschijning: Axel dus. De man die me zonet bediend had, draaide zich om, trok een lade open en grabbelde er iets uit. Samen slenterden we naar de uitgang en toen de man de deur openzwaaide, stak Axel prompt zijn neus naar binnen. Uit het niets toverde de man wat snoepjes tevoorschijn en Axeltje ging braaf zitten om ze in ontvangst te nemen. Een volgende bezoeker hield de pas in en wilde weten of we onze Hovawart nog nodig hadden. Zo niet, wilde hij hem wel hebben. Over ons lijk ja!
Terug in het hotel, weer hetzelfde liedje. Opnieuw stapte Axel prompt de keuken binnen en het kostte andermaal veel moeite om hem de juiste richting uit te sturen. (Dit heeft hij dus elke keer gedaan als ik met hem voorbij die deur moest.) Daar het nog te vroeg was om aan tafel te gaan, daalden we opnieuw af langs de andere kant om iets te gaan drinken in de uiterst gezellige bar van het hotel. Bij aankomst hadden we al een tafeltje gereserveerd waar we genoeg plek hadden om Axel rustig te laten liggen zonder de andere gasten te storen. Die gasten bleken overigens allemaal uit ons land te komen. Die nacht verbleven er slechts 8 personen en 3 honden in het hotel. Lekker rustig dus. Het avondeten was goed maar nu niet om er een kaartje van uitmuntend aan te hangen... Het ontbijt mocht er dan weer wel wezen.Goed verstopt die bunker...
Na het inladen, afrekenen en uitchecken, wij weer verder. Via de gewone wegen richting Bonn. Daar weer de Rijn over en dan naar Wintzen. Eerst nog twee tussenstops; Euskirchen en Schleiden. Inkopen geblazen. In Euskirchen mocht onze grote beer nog mee door de stad wandelen. Onze aankomst viel er samen met het eerste carnavalsweekeinde. Veel te druk en veel te veel lawaai. Zo snel mogelijk weer verder dus. Met een diepe zucht liet Axel zich op de achterbank ploffen. Ook niks voor jou zeker beer? wilde ik weten maar er kwam al geen reactie meer. Na de aanschaf van de nodige proviand in Schleiden, streken we neer in Wintzen. Altijd leuk als je de woning die je huurt al kent en dat je er alles weet liggen. Maakt alles een stuk gemakkelijker. Na het uitpakken, stond Axel al te wachten om zijn vriend een bezoekje te brengen. Voor zijn leeftijd zette hij er behoorlijk de pas in en sleurde ons mee naar Bosse. Diens baasjes troffen we buiten aan en Bosse had blijkbaar net een snoepje verdiend na zijn wandeling. Dat moest nu even wachten tot Axel weer weg was. Dat vond Bosse echter niet zo leuk want die maakte op een bepaald ogenblik alle conversatie onmogelijk. We spraken af om maandagnamiddag samen met hen een wandeling te maken. Na een rustige avond kropen we relatief vroeg onder de wol. Onze nachtrust werd echter omstreeks vier uur in de ochtend onderbroken. Marleen maakte me wakker en vroeg of ik wist wat Axel aan het uitspoken was. Het leek of hij probeerde een drumsolo ten beste te geven.Onnozel manneke!! Licht aan en met slaapogen op het geluid af. Daar lag hij dan of beter, daar stak hij: enkel zijn staart en achterpoten waren nog zichtbaar. De rest van ons Boeleke was onder het bed verdwenen en blijkbaar probeerde hij zich al een poosje uit die benarde situatie te bevrijden. Zonder succes overigens. We hebben dan samen het bed maar opgetild en een overvrolijke schelm veerde overeind. Ik mocht me haasten om mijn plek in het bed te bemachtigen want tellen later kroop hij achter me aan en liet zich kreunend maar zichtbaar tevreden tussen ons in neervallen. Ik probeerde uit te zoeken hoe hij onder het bed was geraakt. Ik bedacht dat de grapjas zich tussen muur en bed in paardenlig op de grond had gelegd. Waarschijnlijk had hij zich in zijn slaap met de achterpoten tegen de muur afgedrukt en was op die manier onder het bed geschoven met de bekende gevolgen van dien... De worst! Tijdens de rest van het verblijf heeft hij er zich in ieder geval niet meer neergelegd.
Op zondag trokken we naar de Losheimerknie. Een leuke wandeling langs de Westwall, een Duitse anti-tankversperring uit WO II. Geloof het of niet maar Axel wist zelfs jaren na zijn eerste bezoek er ons de weg te tonen. Hij was zo tevreden over zich zelf dat hij zelfs zijn tong naar me uitstak! Pff, de opschepper!
Maandagnamiddag dus op stap met Ralf en Bosse. Ralf, inwoner van Wintzen en goede vriend, nam ons mee naar de heuvelrug boven Wintzen. Een waar paradijs en echt iets voor hondenliefhebbers! We waren er overigens niet de enigen. Na ons ommetje genoten we nog van de gastvrijheid van Ralf terwijl Axel en Bosse ongestoord hun gang gingen. Gelukkig hadden onze hondjes niet veel zin om het al te bont te maken en zochten ze elk een plekje om er te genieten van de heerlijke najaarszon.
Dinsdag gingen we op zoek naar een Hovawart die blijkbaar in een klooster woonde, dat was tenminste wat Marleen had kunnen opmaken uit de beelden van een docu-serie op n der Duitse zenders. Met enkel een vaag idee waar dit klooster zou kunnen zijn, begonnen we aan een spannende odyssee. Ruzie???Tegen de middag belandden we in Simonskall. Ik had ondertussen wel trek gekregen in een kop koffie, ook al om even te bekomen van een kleine schuiver. We kozen de Talschenke uit en dit bleek een voltreffer. Op de vraag of we nadien nog gingen wandelen, legden we onze dienster uit waar we naar op zoek waren. Geloof het of niet: binnen de kortste keren kreeg ze nog assistentie van twee collega's. Eentje had ze zelfs uit de keuken gaan halen omdat de dame in kwestie afkomstig was uit de gemeente Zweifall, de plek waar het klooster lag. Na een voortreffelijk middagmaal, ook in de Talschenke, zetten we nu koers naar Zweifall. Bij aankomst aan het klooster werd ons de deur al geopend nog voor we konden aanbellen. Axel hadden we voorzichtigheidshalve maar in de auto laten zitten. Het klooster dat toebehoort aan de zusters Karmelietessen, wordt nog slechts door twee van hen bewoond en zij weigeren hun woonplaats op te geven. Vandaar dat ze ook de aandacht van de pers hadden gekregen. En van hen stond ons te woord en toen ze het waarom van ons bezoek had gehoord, kregen we zelfs de kans om hun hond te bewonderen. Het was wel geen zuiver ras maar welk ander ras er precies mee vermengd was, bleek helemaal niet duidelijk. Hermann, een hele leuke reu, begroette ons uitbundig en liet zich de knuffels en aandacht welgevallen. Bij ons vertrek (Hermann mocht in de tuin blijven), lieten we de zuster eerst nog kennis maken met Axel. Vol bewondering bekeek ze hem en uiteraard genoot onze schavuit weer ten volle van die aandacht. In de Na een vermoeiende wandeling... SCHAFTEN!late namiddag waren we maar wat blij dat we ons in de zetels van ons verblijf konden neervlijen. Axel leek niet alleen moe, hij was ook moe.
Hij was zichtbaar opgetogen als we op woensdag onze koffers pakten om terug naar Belgi te rijden. Geen vertrek natuurlijk zonder eerst nog even op de koffie te gaan bij ons gastkoppel Trudi en Rolf. Super toffe mensen, echte Eifler en vooral Rolf heeft een bijzonder gevoel voor humor.

Terug thuis (nu ja, thuis?), wachtte ons een uitbundige begroeting van... Elmo. La Dunja wilde maar n ding: zo vlug mogelijk bij Axel kunnen. Zij gunde ons nauwelijks aandacht. Die kregen we pas later die avond als de rust was teruggekeerd en onze oude, trouwe Axel zich vredig had uitgestrekt op de zetel en waarschijnlijk droomde van zijn belevenissen.

 

 Even pozeren...          Kabouter PLOP was nie thuis!          De ochtendstond...

Een echte aanrader!!          Hermann von der non...

 


Webmaster , all rights reserved.

Last update 25/11/2011