|
Zaterdagochtend
ontmoeten we de overige deelnemers. We zijn vlug uitgeteld: Marc met
Arie, zoals steeds eerst op de afspraak en dan is er nog Ronald met
Chicco. Toegegeven, het is geen grote groep maar met het extra lange
weekend waarvan velen genieten, verbaast ons dit niet. Eerst nog even
genieten van een koffietje op één van de leuke terrasjes in Nismes.
Vallen daar nu geen druppels? Gelukkig blijft het droog. Na enkele
minuten stappen, laten we de huizen al achter ons en duiken we de bossen
in. Zo staan we ook meteen aan de voet van onze eerste klim die dag. Met
Ronald op kop vergt het extra inspanning om de nodige foto's bij elkaar
te schieten. Soms stilstaand, soms stappend drukt Marc (van Dunja) op de
ontsluiter. Gelukkig dondert hij daarbij niet tegen de grond. Na de
opwarmer staan we op het plateau waar we meteen in de "Fondry des Chiens"
duiken. Sinds ons laatste bezoek aan deze groeve, heeft de natuur er
weer een stukje van het door mensenhanden vernietigde landschap
hersteld. Met een ruime boog stijgen we terug naar het plateau dat we nu
oversteken om door het bos af te dalen. Wie daalt in de Ardennen, moet
ook weer stijgen. Een stevige kuitenbijter direct gevolgd door
een
spectaculaire afdaling met gevolgen... Zowel Peter als Ronald gaan even
onderuit. Zonder gevolg echter. Ondertussen dringt het ruisen van de
Virion tot ons door. Hoe sterk zou de stroming nu zijn? Vorige keer had
het de dagen voordien behoorlijk geregend en was het flink opboksen
tegen het kolkende water. Gelukkig lag de rivier er nu rustiger bij maar
de maalstroom had zich over twee sporen verdeeld. Marc van Arie
twijfelde even of hij de oversteek zou wagen maar verbaasde ons door dan
plots het voortouw te nemen. Zijn optreden verraste ons zo dat we er
geen foto van maakten. Als tweede waagde Ronald zijn kans. Gelukkig dat
er geen vrouwen in de buurt waren. Waarom? Bekijk de beelden maar eens!
Peter kreeg zoals steeds Jadzea en Dunja in zijn zog. Eens we allen
behouden op de andere oever staan, is het tijd om de innerlijke mens wat
te verstevigen. Ondertussen doet de zon verwoede pogingen om een gat
door de bewolking te branden. Met een volle maag vervolgen we onze
wandeling. Net na de ingang van een nog actieve steengroeve is het weer
stevig stijgen geblazen. In geen tijd bereiken we puffend de rug van de
berg. Vandaar is het weer afdalen... om opnieuw te stijgen. Het mag dan
avontuurlijk zijn, de minste vergissing in de route maakt het enkel nog
avontuurlijker. De inhammen tussen de rotspartijen lijken allen op
elkaar en zo nemen we een afslag te vroeg.
Deze
klim is wel heel stijl en vergt niet alleen de nodige omzichtigheid maar
ook wel wat van onze krachten. Onze Hovawartjes gedragen zich hier als
volleerde klimmers en bekijken ons met enig meewaren. De route omgekeerd
willen we op dit punt niemand aanraden, tenzij je stevig vastgemaakt
bent aan een beveiligingstouw. Net voor we opnieuw de bossen op de
alweer volgende bergrug induiken, kunnen we nog even genieten van het
mooie vergezicht. Het pad volgt nu geruime tijd de rug om dan zachtjes
af te dalen naar de volgende vallei. Zonder aankondiging doemen de
contouren van de ruïne op. Of de jonkvrouw thuis is? Waarschijnlijk
niet, tenzij enkel na middernacht... Volgens de beschrijving moeten we
links naast de burcht het pad naar beneden volgen maar dat lijkt toch
net iets te link. Dus stappen we braaf de andere kant op. Arie en Dunja
gevolgd door hun baasjes nemen een beetje voorsprong als er in de
achterhoede zich een valpartij voordoet. Verslaggever en ooggetuige
Ronald kan ons melden dat Peter zowaar een koprol gemaakt heeft.
Gelukkig alweer zonder erg. De eerste huizen van het bijna vergeten
plaatsje Dourbes liggen nu net onder ons en al gauw stappen we door de
verlaten straten. Of ze hier een café hebben? We weten het tot op
vandaag nog steeds niet. Wat we wel weten is dat zich aan de rand van
dit dorp zich een kolonie weekend huisje genesteld heeft welke, op een
uitzondering na, allemaal afgebroken mogen worden.
Als
we deze smetvlek achter ons gelaten hebben, kunnen we beginnen aan het
sluitstuk van onze kruistocht. Letterlijk dan! Na een laatste klimmetje
kunnen we even verpozen bij het kruis, genietend van het uitzicht over
Nismes en Virionval. Met geen auto's in zicht maar wel de stoomtrein,
wanen we ons zonder probleem in het verleden. Na een laatste maal
afgedaald te zijn, stappen we nu direct op Nismes af. Hier is het
natuurlijk even opletten geblazen. Net als we een auto achter ons
krijgen, komt er ook eentje op ons af stormen. Blijkt dat de laatste
bestuurd wordt door een heetgebakerd type dat er van uit gaat dat elke
wandelaar prompt in de berm wegduikt als hij door wil. Dat was dus even
zonder ons gerekend. Even lijkt het erop dat we een onvervalste
knokpartij gaan beleven maar de aanwezigheid van onze trouwe viervoeters
beperken de woedeaanvallen tot vertwijfelde pogingen om met piepende
banden van ons weg te rijden. Zullen we er maar vanuit gaan dat de brave
man wat te diep in het glas gekeken had?
Terwijl
de wildeman achter de bocht verdwijnt, kunnen we het niet laten om er
eens hartelijk om te lachen. Het is in ieder geval een aangename
afwisseling die de aandacht van de wat eentonige weg naar het centrum
van Nismes laat afleiden. Eens onze hondjes hun neus aan het kruispunt
naast de kerk steken, eisen ze weer alle aandacht op van de aanwezigen.
Moe maar voldaan ploffen we neer op een terrasje. Zonder dat we er zelf
om vragen krijgen ook onze lieverdjes te drinken van de uitbaters. Na
een lichte maaltijd verlaten we Nismes met stille trom naar de vier
windstreken. Jadzea en Dunja zoeken zich een plekje uit achter onze
autozetels en dromen zachtjes weg. Pas als we in onze buurt komen,
richten ze zich beiden op om te kijken waar ze zijn. Ga er maar van uit
dat zij er evenveel van genoten hebben als wij zelf. Wij hopen dat ook
Ronald en Marc en zo over denken. Op naar de volgende provincie!
|