|

Onze wandeling vertrok vanuit het Drielandenpunt in de buurt van het
Nederlandse Vaals. Plaats van afspraak: de Viergrenzenweg? Hoe viel
dit te rijmen? Dit moest onderzocht worden.
De basis vormde, na de
val van Napoleon, andermaal het gebakkelei tussen twee toenmalige
grootmachten in Europa: Nederland en Pruisen. Het pas onafhankelijke
België moest vooral ondergaan. Na de splitsing van het hertogdom Limburg
in 1839 ontstond het Vierlandenpunt, te weten: Nederland, Pruisen (en
later het Duitse Keizerrijk), België en Neutraal Moresnet, een
condominium. Dat neutraal gebied had de vorm van een taartpunt en omvatte
o.a. de gemeente Kelmis waar zich een grote zinkgroeve bevond. Meteen
de oorzaak van de onenigheid tussen Nederland en Pruisen. Pas in 1919
verdween Neutraal Moresnet en het gebied kwam in Belgische handen.
Ruim een eeuw later stapten drie zestigplussers in het gezelschap van hun
Hovawartjes langs het Drielandenpunt. Stralende zon, milde temperatuur en
een zo goed als verlaten toeristische trekpleister. Na een ministrookje
Belgisch grondgebied draaiden ze links een bospad in en bevonden zich
meteen in Duitsland. Een aangenaam begin want het pad zocht zich
slingerend een weg naar beneden en bood met tussenpozen prachtige
vergezichten op de nabijgelegen stad Aken. Bij dit weer viel zelfs de
Dom goed te herkennen.
Het bleef dalen tot onder de spoorlijn naar Aken. Vanaf dat punt werd het
hoofdzakelijk stijgen, om het woord klimmen niet te gebruiken. De
eerste klim richting Aachener- of Friedrichwald was meteen stevig. Het
venijnigste was nog dat de weg ernaartoe gewoon 1 recht lint bergop was,
zonder schaduw. Voor Ronald totaal geen probleem. Met een
benijdenswaardige soepelheid en vlotte tred liet hij ons gewoon ter
plaatse. Na ongeveer driekwart van de klim hield hij halt om een
gezellig praatje te slaan met wat vermoedelijk een buurtbewoner was. Een
poosje later werd Ronald door Peter ingehaald. Die knikte goeie dag en
vervolgde met vastberaden pas de weg naar boven. Nog veel later
arriveerde Marc ter hoogte van het tweetal, stopte, liet zijn rugzak van
de schouders glijden en ontdeed zich van zijn hoodie. Zodra het lukte om
weer zuurstof naar de benen te voeren, kroop Marc verder de helling op.
Peter was ondertussen uit het zicht verdwenen maar nog voor Marc Peter kon
bereiken, werd hij alweer ingehaald door Ronald. Vanaf de kruising verliep
de route nu naar links in een wijde boog omheen het Friedrichwald.
Helaas daalden we opnieuw af en dat kon alleen maar betekenen dat we
achteraf terug de berg op moesten. Het bleef in ieder geval genieten
van de stilte en de natuur. Wat wel wat tegenviel was de schier
onophoudelijke stroom van wandelaars die ons tegemoet stapten. Vertoefden
die ook in het gezelschap van viervoeters, zo behoorden die tot de
gematigde en zachtaardige types. Het volstond dus meestal om Ezri, Aischa
en Pepper eventjes vast te houden tot de tegenliggers weg waren.
Terwijl we links nog regelmatig Aken en zelfs de windmolens van Eschweiler
te zien kregen, priemde rechts de Mulleklenkes, een zendmast, de hoogte
in. Zeker was dat we aan deze zendmast voorbij moesten maar het zou nog
veel tijd en klimwerk in beslag nemen alvorens we die ook konden
bewonderen. De wandeling maakte, naast een paar linten asfalt ook
gebruik van holle wegen en die boden ruim voldoende schaduw. Een zegen
voor onze Hovawartjes. Ezri bleef, ondanks dat ze al vroeg in de
wandeling was beginnen manken, dapper heen en weer pendelen tussen de
meestal voorop lopende Aischa en de achterhoede. Op die wijze legde ze
natuurlijk bijna de dubbele afstand af. Zulke artiesten kon je in onze
eerste generatie ook aangetroffen hebben. Tijdens onze klim naar de toren,
haalden we een wandelaar in die nog langzamer wandelde dan Marc. Wezenlijk
verschil was wel dat die rare snuiter zich op blote voeten de weg naar
boven afstapte. Wat verder werd het pad breder en kregen we plots de
zendmast te zien.
De
route boog rechts in een bospad. We hoorden een bizar geluid toen we de
bocht doorgingen. Bleek dat het geluid van een kleine drone afkomstig was,
bestuurd door een man van Aziatische oorsprong. Zo dicht in de buurt
van de zendmast mochten we vooral niet op het idee komen dat hier een
spion aan het werk was. Langzaam maar zeker bereikten we weer het
hoogteniveau van het drielandenpunt. Dat gebeurde echter niet in 1 ruk
maar eerder in trappen waarbij we telkens weer een stukje afdaalden.
Voordeel was wel dat het pad kronkelde en we door de lage begroeiing geen
uitzicht kregen op wat ons te wachten stond. Nog een laatste stijl stuk
voor we de rug van de heuvel bereikten deed ons weer naar adem happen.
Waar de bosweg uitmondde op een asfaltbaantje, hielden we een laatste keer
halte. Het laatste water werd vond dankbare afnemers. Waar we bij
andere wandelingen vaak beekjes op ons pad aantroffen, was dit een
kurkdroge editie. Voor het laatste deel liepen we weer aan het
drielandenpunt voorbij of tenminste, dat konden we slechts vermoeden. Een
paar uur eerder lag alles er nog verlaten bij maar nu werd het een weg
banen door een mensenmassa. Het leek wel een vrijdagmarkt! Heel veel
toeristen voelden een onbedwingbare noodzaak om zich bij de
grensmarkeringen te laten fotograferen. Daar stond zoveel volk te gapen!
Alsof het een optreden op de rode loper betrof. Zo vlot het maar kon,
maakten we ons uit de voeten en lieten deze gekke meute achter ons.
Nadat we wat overbodige spullen in de auto’s hadden achtergelaten, streken
we neer in restaurant
De
Bokkerijder. Traditioneel werd het lokale bier getest maar hier
hielden we het op een enkele proef. Wat we vooraf van
de menukaart hadden uitgekozen, bleek een zeer goeie keuze geweest.
Lekker, ruim voldoende en bovenal geen gepeperde afrekening. De
volgende wandeling werd door Ronald reeds vastgelegd. Die editie zou er
echter eentje worden voor de intimi. Van die wetenschap lagen Aischa,
Ezri of Pepper niet wakker.

|